• Nieuws

Uitbetaling vakantiedagen: hoe te berekenen?

27 maart 2017
Arbeidsrecht

Bij het einde van een dienstverband kan een werknemer nog aanspraak hebben op een aantal niet-opgenomen vakantiedagen. Doorgaans worden deze vakantiedagen uitbetaald aan de werknemer. Maar hoe bereken je de waarde van een vakantiedag?

Een ruim loonbegrip

In 2011 heeft het Europese Hof van Justitie zich over deze vraag gebogen. Het Europese Hof geeft aan dat het aan de nationale rechter is om te bepalen of er een intrinsiek verband bestaat tussen de looncomponenten die de werknemer normaliter ontvangt en de uitvoering van de opgedragen taken door de werknemer. Het Hof oordeelt voorts dat een werknemer bij uitbetaling van vakantiedagen niet in een nadeliger positie mag komen te verkeren, dan wanneer hij in dienst zou zijn gebleven en zijn vakantiedagen zou hebben opgenomen. Er moet dus worden uitgegaan van een ruim loonbegrip. Dit houdt in dat ook vergoedingen (zoals een autovergoeding of ploegentoeslag), vast uitgekeerde bonussen, vakantiegeld, de 13e maand en overige emolumenten moeten worden meegenomen bij de berekening van de waarde van een vakantiedag. Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen wettelijke en bovenwettelijke vakantiedagen.

Pensioenpremie werkgever

Een interessante vraag is of het werkgeversdeel van de pensioenpremies ook onder dit ruime loonbegrip valt. Dit is immers geen bedrag dat de werkgever aan de werknemer betaalt als vergoeding voor zijn werkzaamheden, maar aan de pensioenuitvoerder als derde. De werknemer profiteert echter wel van het feit dat voor hem premies worden afgedragen aan de pensioenuitvoerder.

In 2012 oordeelde de kantonrechter Amsterdam dat de pensioenpremie inderdaad moet worden meegenomen in de berekening van de waarde van vakantiedagen. Indien de werknemer gedurende de betreffende vakantiedagen in dienst zou zijn gebleven, zouden deze premies immers zijn doorbetaald door de werkgever.

Deze conclusie is later gevolgd door de kantonrechter Almere, het gerechtshof Den Haag en recentelijk de kantonrechter te Groningen. Deze laatste geeft daarbij expliciet aan dat de afdracht van de pensioenpremie aan de pensioenuitvoerder samenhangt met de arbeidsovereenkomst. De werkgeverspremie vertegenwoordigt een bepaalde waarde en moet daarom worden meegenomen in de berekening, omdat de werknemer anders in een nadeliger positie zou komen te verkeren dan wanneer hij de vakantiedagen had opgenomen.

Conclusie

Bij het einde van een dienstverband is het dus van belang om alle relevante looncomponenten mee te nemen in de berekening van vakantiedagen. Daarbij dienen werkgevers zich goed te realiseren dat ook het werkgeversdeel van de pensioenpremies meegerekend moet worden. Zoals uit de jurisprudentie blijkt, gaat het op dit punt nogal eens fout bij de eindafrekening en kunnen werkgevers nadien geconfronteerd worden met een loonvordering.

Vragen over vakantiedagen, de pensioenpremie of andere uitbetalingen bij het einde van een dienstverband? Neem dan contact op met onze sectie Arbeidsverhoudingen en Medezeggenschap!

Dit artikel is geschreven door Rutger Ploum en Michelle Westhoeve.

Meer informatie

Rutger Ploum

M +31 6 2269 3315
E r.ploum@ploum.nl

Print dit artikel