• Nieuws

Welke kosten mogen in mindering worden gebracht op de transitievergoeding?

19 februari 2015
Arbeidsrecht - Ploum over Arbeid

Vanaf 1 juli 2015 zijn werkgevers bij ontslag in beginsel een transitievergoeding verschuldigd. De minister heeft het Ontwerpbesluit transitievergoeding opgesteld. Dit ontwerpbesluit treedt naar verwachting op 1 juli 2015 in werking en bepaalt welke transitie- en inzetbaarheidskosten een werkgever op transitievergoeding in mindering mag brengen.

Wat zijn transitiekosten en inzetbaarheidskosten?

Transitiekosten zijn kosten, die de werkgever maakt in verband met het eindigen of niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst en die erop gericht zijn om werkloosheid te voorkomen of om de periode van werkloosheid te bekorten. Inzetbaarheidskosten zijn kosten die tijdens de arbeidsovereenkomst zijn gemaakt en die gericht zijn op het bevorderen van de bredere inzetbaarheid van de werknemer.

Voorbeelden van transitiekosten

De volgende kosten kunnen onder andere als transitiekosten worden aangemerkt:

  1. de kosten van scholing,
  2. de kosten van outplacement en
  3. de kosten van het in achtnemen van een langere dan de tussen partijen geldende opzegtermijn waarbij sprake is van vrijstelling.

Voorbeelden van inzetbaarheidskosten

Inzetbaarheidskosten betreffen bijvoorbeeld: een niet-werkgerelateerde (talen)cursus, de kosten voor persoonlijke ontwikkeling en de kosten voor een managementcursus, terwijl de werknemer op het moment van het volgen van deze cursus geen uitzicht heeft op een dergelijke functie bij de eigen werkgever. De inzetbaarheidskosten moeten dus uitdrukkelijk verband houden met maatregelen gericht op versterking van de bredere inzetbaarheid buiten de organisatie van de werkgever.

Wat zijn de vereisten?

Voor het in mindering brengen van de transitie- en inzetbaarheidskosten gelden de volgende voorwaarden:

  • er is sprake van schriftelijke overeenstemming tussen de werkgever en de werknemer over de aftrek van deze kosten;
  • de kosten zijn gemaakt door de werkgever, die de transitie vergoeding verschuldigd is en ten behoeve van de werknemer aan wie de transitievergoeding verschuldigd is;
  • de kosten hebben geen betrekking hebben op het loon (tenzij het gaat om de kosten verband houdend met het in achtnemen van de langere opzegtermijn: zie voorgaand);
  • de in mindering te brengen kosten staan in redelijke verhouding tot het doel waarvoor de kosten zijn gemaakt;
  • inzetbaarheidskosten kunnen alleen in mindering strekken op de transitievergoeding indien de kosten in een periode van 5 jaar voorafgaand aan de beëindigingsdatum van de arbeidsovereenkomst zijn gemaakt. Partijen bij de arbeidsovereenkomst kunnen hiervoor wel schriftelijk een langere of kortere periode overeenkomen.

Schriftelijke instemming van de werknemer is niet vereist, indien de transitie- of inzetbaarheidskosten zijn gebaseerd op afspraken tussen de werkgever(sverenigingen) en werknemersverenigingen of op afspraken met de ondernemingsraad.

Praktische tip

Omdat in beginsel alleen inzetbaarheidskosten mogen worden afgetrokken na schriftelijke instemming van de werknemer, is het van belang om op voorhand afspraken te maken over te maken kosten, die zijn gericht op de bredere inzetbaarheid van de werknemer en waarvan de werkgever het wenselijk acht om deze af te kunnen trekken van een eventuele transitievergoeding.

Let op: het Ontwerpbesluit transitievergoeding is gezonden aan de Raad van State en is nog niet definitief.

Meer informatie