• Nieuws

Uitstel implementatie Vijfde anti-witwasrichtlijn

26 februari 2020
Banking & Finance - Ondernemingsrecht

Op 21 februari 2020 heeft de minister van Financiën een kamerbrief gestuurd naar de Eerste Kamer met betrekking tot de volgende drie bij de Eerste Kamer aanhangige wetsvoorstellen (de Kamerbrief):

  • Implementatiewet wijziging vierde anti-witwasrichtlijn (Implementatiewet AML5);
  • Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van vennootschappen en andere juridische entiteiten (Implementatiewet UBO); en
  • Wet verwijzingsportaal bankgegevens.

Vertraging behandeling wetsvoorstellen

Deze drie wetsvoorstellen zien allemaal op de implementatie van de Vijfde anti-witwasrichtlijn (Richtlijn (EU) 2018/843Richtlijn (EU) 2018/843) (AML5). Hoewel de uiterste implementatiedatum van de Implementatiewet AML5 en de Implementatiewet UBO 10 januari 2020 was, zijn deze wetsvoorstellen nog steeds aanhangig bij de Eerste Kamer. De vertraging van de behandeling van deze wetsvoorstellen is ontstaan doordat met betrekking tot beide wetsvoorstellen aanvullende vragen zijn gesteld door de Eerste Kamer en heeft op 18 februari 2020 de vaste commissie voor Financiën uit de Eerste Kamer beslist dat nader onderzoek nodig is (voor het bericht met betrekking tot de Implementatiewet AML5 klik hier, voor het bericht met betrekking tot de Implementatiewet UBO hier). Bij de Implementatiewet AML5 zullen aanvullende schriftelijke vragen worden gesteld en bij de Implementatiewet UBO wordt overwogen om voorlichting bij de Raad van State te vragen.

 Kamerbrief van de minister van Financiën

In de Kamerbrief geeft de minister van Financiën aan dat Nederland reeds door de Europese Commissie in gebreke is gesteld voor de te late implementatie van de AML5. De minister van Financiën verzoekt de Eerste Kamer dan ook om de Implementatiewet AML5 en de Implementatiewet UBO voortvarend, en desnoods los van elkaar, te behandelen om zo snel mogelijk aan de Europese implementatieverplichting te kunnen voldoen. Mocht de Eerste Kamer beslissen dat de Raad van State om voorlichting moet worden gevraagd, dan verzoekt de minister van Financiën de Eerste Kamer om de Raad van State om een voorspoedige behandeling van dit verzoek te verzoeken.

Mocht u vragen hebben over (de gevolgen van) de Kamerbrief of over de desbetreffende wetsvoorstellen, dan kunt u contact opnemen met team Banking & Finance.