• Nieuws

Start-it-up! Waar je juridisch op moet letten als je een onderneming start (Stichting of toch BV)

10 juli 2019
Notariaat

Rechtspersonen

Een stichting en een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (hierna: BV) zijn rechtspersonen. Rechtspersonen hebben rechtspersoonlijkheid; zij zijn zelfstandig drager van rechten en verplichtingen en hebben een afgescheiden vermogen waarop door schuldeisers verhaal kan worden gezocht. Dit betekent dat een rechtspersoon bijvoorbeeld een pand kan bezitten of een overeenkomst kan afsluiten. De rechtspersoonlijkheid van een rechtspersoon brengt met zich mee dat alleen de rechtspersoon aansprakelijk is voor ontstane schulden. Een bestuurder van een rechtspersoon is gehouden tot een behoorlijke vervulling van zijn taak (het besturen en vertegenwoordigen van de rechtspersoon) en draagt als zodanig verantwoordelijkheid voor de algemene gang van zaken. In geval van onbehoorlijk bestuur kan een bestuurder daarom toch aansprakelijk worden gesteld.

Een rechtspersoon wordt bij notariële akte opgericht. U kunt de rechtspersoon alleen oprichten, of samen met anderen. De notariële akte van oprichting bevat de statuten van de rechtspersoon. De statuten vermelden onder andere de naam, de zetel en het doel van de rechtspersoon. De bestuurder van de op te richten rechtspersoon is gehouden de rechtspersoon in te schrijven in het handelsregister. In de praktijk draagt de notaris zorg voor deze inschrijving.

Het bestuur van een rechtspersoon is belast met het besturen en de vertegenwoordiging van de rechtspersoon. De statuten kunnen de vertegenwoordigingsbevoegdheid ook toekennen aan één of meer bestuurders. De bevoegdheid tot vertegenwoordiging die aan het bestuur of aan een bestuurder toekomt, is onbeperkt en onvoorwaardelijk.

Stichting

Een stichting beoogt met behulp van een daartoe bestemd vermogen (‘doelvermogen’) een in de statuten vermeld doel te verwezenlijken. In de statuten van de stichting wordt naast de naam, zetel en doel vastgelegd op welk wijze bestuurders worden benoemd en ontslagen en de bestemming van het overschot ingeval de stichting wordt ontbonden.

In beginsel heeft de stichting slechts één orgaan: het bestuur. Het bestuur bestuurt de stichting. De stichting kent geen algemene (leden)vergadering. Het is mogelijk om andere organen, zoals een raad van toezicht, in te stellen. De raad van toezicht kan dan toezicht houden op het beleid van het bestuur en de gang van zaken in de stichting. In de praktijk komt het voor dat stichtingen statutaire deelnemers kennen. Het gaat dan om personen die een duurzame band met de stichting hebben waaraan statutaire rechten en verplichtingen zijn verbonden.

Voor de oprichting van een stichting is het bijeenbrengen van vermogen niet vereist. Een stichting kan zonder vermogen worden opgericht. Voldoende is dat vermogen wordt aangewezen dat bestemd is voor de verwezenlijking van het doel. Het vermogen van de stichting wordt gevormd door bijvoorbeeld subsidies en donaties, schenkingen, giften, erfstellingen en legaten en sponsorgelden.

Het doel van de stichting mag niet inhouden het doen van uitkeringen aan haar oprichter(s) of organen. De eventuele winst moet worden besteed aan het doel van de stichting. Dit wordt ook wel het uitkeringsverbod genoemd. Uitkeringen aan anderen mogen slechts worden gedaan voor zover die uitkeringen een ideële strekking hebben. Dit neemt niet weg dat u een onderneming in een stichting kan onderbrengen. De opbrengsten die met behulp van die onderneming worden behaald, worden in dat geval aangewend ten behoeve van het doel dat de stichting nastreeft. De stichting beoogt dus een doel na te streven en de winst die daarmee wordt behaald moet worden aangewend in het kader van het realiseren van dat doel.

BV

Kenmerkend voor een BV is dat deze een in één of meer overdraagbare aandelen verdeeld kapitaal heeft. In de BV wordt geparticipeerd met aandelen in het kapitaal van de BV. Voor de BV zijn aandelen een middel om vermogen aan te trekken: de aandeelhouder brengt vermogen in en verkrijgt als tegenprestatie één of meer aandelen. Inbreng van vermogen vindt plaats door een storting in geld of in natura. Stort een aandeelhouder een hoger bedrag dan het nominale bedrag van zijn of haar aandelen, dan wordt het meerdere als agio aangemerkt. De statuten van de BV kunnen bepalen dat het nominale bedrag van de aandelen pas op een later moment kan worden gestort.

Met een aandeel in het kapitaal van de BV wordt zeggenschap uitgeoefend en ieder aandeel geeft recht op een gedeelte van de winst. Daarnaast is het mogelijk om soorten aandelen te creëren en aan deze onderscheiden soorten aandelen bepaalde zeggenschaps- of winstrechten toe te kennen of te ontnemen. De winst van de BV kan – voor zover het eigen vermogen dat toelaat – aan haar aandeelhouder(s) worden uitgekeerd. In tegenstelling tot de stichting is een BV gericht op het behalen van winst en deze winst kan worden uitgekeerd aan haar aandeelhouder(s).

Bij de oprichting van een BV wordt ten minste één aandeel uitgegeven en op naam van de aandeelhouder(s) gesteld. Tot 1 oktober 2012 moest het maatschappelijk, geplaatst en gestort kapitaal van de BV ten minste €18.000 bedragen. Vanaf die datum geldt geen minimumkapitaalsvereiste meer. U bent nu dus vrij in het bepalen van het beginkapitaal van de BV. Dit beginkapitaal kan al €0,01 bedragen. Het bestuur houdt een register waarin de namen en adressen van alle aandeelhouders zijn opgenomen en legt dit register ter inzage op het kantoor van de BV.

De BV bestaat in ieder geval uit twee organen: het bestuur en de aandeelhoudersvergadering. BV’s van een bepaalde omvang zijn ook gehouden een raad van commissarissen in te stellen. Het bestuur is belast met het besturen van de BV. Bestuurders worden benoemd en ontslagen door de aandeelhoudersvergadering. Aan de aandeelhoudersvergadering komen alle bevoegdheden toe die niet aan het bestuur zijn toegekend.

Het komt regelmatig voor dat de oprichter van een BV vóór de oprichting daarvan al handelt in naam van de BV in oprichting (i.o.). Dit handelen wordt beschouwd als een vertegenwoordiging van de nog niet bestaande BV. De BV is slechts gebonden aan zulke handelingen wanneer de BV deze na oprichting heeft bekrachtigd. Tot het moment van bekrachtiging is de oprichter hoofdelijk verbonden en kan deze door een wederpartij persoonlijk worden aangesproken. Na de bekrachtiging vervalt deze gebondenheid.

Omzetting

U kunt een BV omzetten in een stichting of andersom. Het bijzondere kenmerk van een omzetting is dat het bestaan van de rechtspersoon door omzetting niet wordt beëindigd. Door omzetting verandert de rechtsvorm, maar niet de identiteit van een rechtspersoon. Bij omzetting hoeft geen overdracht van vermogen plaats te vinden van de oude aan de nieuwe rechtsvorm. De nieuwe statuten worden opgenomen in een notariële akte van omzetting.

Bij de omzetting van een BV in een stichting komen de uitgegeven aandelen te vervallen. Een aandeelhouder die tegen de omzetting van de BV in de stichting heeft gestemd, heeft recht op een schadeloosstelling.

Voor de omzetting van een stichting in een BV is een aanvullende rechterlijke machtiging vereist. De reden voor dit bijzondere vereiste is dat de stichting een doel met ideële strekking heeft en zich dient te houden aan het uitkeringsverbod. Door de omzetting van de stichting in een BV vervalt dit uitkeringsverbod. Een BV kan haar winst immers wel uitkeren. De rechtbank moet daarom onderzoeken of het bijzondere doel van de stichting in een concreet geval wel een omzetting toelaat. Na de omzetting van een stichting in een BV moet uit de statuten van de BV blijken dat het vermogen dat de stichting bij omzetting bezat slechts met toestemming van de rechter anders mag worden besteed.