• Nieuws

Een bedrijf kan een klacht indienen tegen de landelijk netbeheerder naar aanleiding van een elektriciteitsstoring

16 oktober 2020
Energie

Het College voor het Beroeps- en Bedrijfsleven (CBb) heeft bij uitspraak van 23 april 2019[1] aan van Justitie te Luxemburg (het Hof) de prejudiciële vraag gesteld of een bedrijf dat door een stroomstoring is getroffen, maar niet direct is aangesloten op het landelijke elektriciteitsnet, een klacht over landelijk netbeheerder Tennet kan indienen bij de ACM.

Afgelopen week, op 8 oktober 2020[2] heeft het Hof antwoord gegeven op de vraag van het CBb.

Wat ging hieraan vooraf?

Een technisch defect aan het 380 kV-station van landelijke netbeheerder TenneT in Diemen heeft op 27 maart 2015 voor een grootschalige stroomuitval gezorgd in grote delen van Noord-Holland en een klein deel van Flevoland. De stroomstoring trof ongeveer een miljoen huishoudens, een aantal grootverbruikers (waaronder Nuon, Tata Steel) en vitale infrastructuur zoals de luchthaven Schiphol, het spoorwegennet en het openbaar vervoer in Amsterdam. Na ongeveer 8 uur is station Diemen weer onder spanning gebracht en is de stroomvoorziening gefaseerd hersteld.

Ook papierfabriek van Crown van Gelder B.V. (Crown van Gelder) in Velsen-Noord werd door de storing getroffen doordat tijdelijk geen elektriciteit is getransporteerd naar de fabriek en heeft daardoor schade geleden. De fabriek van Crown van Gelder is aangesloten op het 50 kV-net dat wordt beheerd door (regionale) netbeheerder Liander N.V. (Liander) en wordt gevoed door het door TenneT beheerde landelijke hoogspanningsnet.

Klacht ACM: niet-ontvankelijk verklaard

Op 22 december 2017 heeft Crown van Gelder bij ACM een klacht tegen TenneT ingediend. Ingevolge artikel 51 lid 1 van de Elektriciteitswet (E-wet) kan een partij die een geschil heeft met een netbeheerder over de wijze waarop deze zijn taken en bevoegdheden op grond van deze wet uitoefent/dan wel aan zijn verplichtingen op grond van deze wet voldoet, een klacht bij de ACM indienen.[3] Het betreft de implementatie van artikel 37 lid 11 van Richtlijn 2009/72, dat kort gezegd bepaalt dat ‘Partijen die een klacht hebben tegen een transmissie- of distributiesysteembeheerder met betrekking tot diens verplichtingen uit hoofde van deze richtlijn, de klacht [kunnen] voorleggen aan de regulerende instantie ….’

In het geschilbesluit van 30 april 2018[4] heeft ACM de klacht van Crown van Gelder tegen TenneT niet-ontvankelijk verklaard, omdat zij ‘geen partij met een geschil met een netbeheerder is’ als bedoeld in artikel 51 E-wet. Zij heeft immers geen (enkele) directe relatie met TenneT. Haar papierfabriek is niet aangesloten op het net van TenneT, zij heeft met TenneT geen overeenkomst en ontvangt van TenneT geen facturen.

Hoger beroep CBb

Crown van Gelder laat het er niet bij zitten en heeft beroep ingesteld tegen het besluit van ACM. Partijen verschillen van mening over de uitleg van Partijen die een klacht hebben. In het bijzonder gaat het om de vraag of een klacht kan worden ingediend door een rechtspersoon die een bedrijf voert met (enkel) een aansluiting op een regionaal net waarvan de stroomlevering stokt door een stroomonderbreking op het landelijke net dat het regionale net voedt. Deze prejudiciële vraag is door het CBb bij uitspraak van 23 april 2019 voorgelegd aan het Hof.

Hof van Justitie Luxemburg

In zijn arrest van 8 oktober 2020 geeft het Hof aan dat de bevoegdheid van de ACM, wanneer een klacht bij haar wordt ingediend, uitdrukkelijk is gebonden aan twee voorwaarden. Ten eerste moet de klacht gericht zijn tegen een beheerder van een transmissie- of distributiesysteem. Ten tweede moet de klacht gaan over verplichtingen die de netwerkbeheerder door richtlijn 2009/72 zijn opgelegd.

Het Hof heeft op de vraag van het CBb – kort samengevat – aldus geantwoord dat ACM een klacht niet kan afwijzen op grond dat de installatie van die eindafnemer niet rechtstreeks is aangesloten op het landelijk net, maar uitsluitend op een regionaal net dat wordt gevoed door het landelijke net. Er hoeft derhalve geen rechtstreekse band te zijn tussen de eindafnemer van de stroom en de netbeheerder die verantwoordelijk is voor de stroomuitval, om een klacht in te kunnen dienen.

Vervolg

Het CBb dient thans een beslissing te nemen in deze procedure, overeenkomstig de uitspraak van het Hof. Het CBb zal daarom beslissen dat Crown van Gelder ontvankelijk is. Nog niet duidelijk is of ACM de klacht zelf in behandeling neemt, of dat het CBb het geschil inhoudelijk zelf zal afdoen. Voor Crown van Gelder staat vervolgens de weg open om een oordeel te laten vellen over de vraag of Tennet verantwoordelijk gehouden kon worden voor het ontstaan van de storing. Indien dit vaststaat, zal Crown van Gelder vermoedelijk een civiele schadevergoedingsprocedure starten tegen TenneT. Tata Steel is haar reeds voor gegaan.

[1] CBb 23 april 2019, nr. 18/1090.

[2]Hof van Justitie 8 oktober 2020, ECLI:EU:C:2020:805.

[3] Artikel 51 lid 1 E-wet luidt als volgt: “Een partij die een geschil heeft met een netbeheerder over de wijze waarop deze zijn taken en bevoegdheden op grond van deze wet uitoefent, dan wel aan zijn verplichtingen op grond van deze wet voldoet, kan een klacht bij de Autoriteit Consument en Markt indienen.”

[4] ACM/17/024896 (https://www.acm.nl/sites/default/files/documents/2018-05/geschilbesluit-crown-van-gelder-en-tennet-over-stroomstoring-bij-diemen-2018-04-30.pdf).

Meer informatie

Iris Brinkhof

M +31 6 1255 6792
E i.brinkhof@ploum.nl

Print dit artikel